Rasbeschrijving van de Ukkelse Baardkriel
De Beschrijving van de haan
|
| Gewicht: | volwassen haan 800gr, jonge haan 700gr |
| Houding: | gedrongen |
| Gestalte: | zeer kleine kriel maar zonder overdrijving |
| Kop: | fijn, naar verhouding vrij klein |
| Kam: | enkel, fijn van weefsel, iets minder dan middelgroot, regelmatig getand (5 tanden). De kamhiel is weinig ontwikkeld en de buiging van de nek volgend. Levendig rood. |
| Snavel: | kort en licht gebogen, kleur lichtblauw tot donker hoornkleurig volgens de kleurslagen |
| Ogen: | rood gedeeltelijk bedekt door de bakkebaarden |
| Gezicht: | rood, licht uitstaand, zeer levendig van uitdrukking |
| Kinlellen: | niet bestaande of rudimentair |
| Oorlellen: | klein, rood, bedekt door bakkebaarden |
| Baard: | zo rijk en overvloedig mogelijk ontwikkelt, gevormd door langwerpige veren horizontaal langs weerskanten van de snavel gericht en vertikaal naar beneden groeiend, waardoor een drielobbige baard ontstaat |
| Hals: | zeer kort, goed gebogen |
| Halsbehang: | zeer dik en bol staand, tot aan de schouders en tot aan de basis van de staart reikend, al zo gans de rug bedekkend. Zijdeachtige halsveren, ontstaan achter de baard en langs de weerszijden van de keel; ze trachten achter de nek bij elkaar te komen waardoor de manen worden gevormd. |
| Rug: | zeer breed, volledig bedekt met het halsbehang |
| Borst: | buitengewoon diep en breed, het bovendeel zeer ontwikkeld en naar voor gedragen |
| Achterlijf: | breed, afgerond en nogal laag gedragen, overvloedige dons |
| Vleugels: | Tegen het lichaam aangesloten, naar omlaag gericht en licht naar het onderlijf toe gebogen zonder er voorbij te treden. De vleugelaanzet wordt bedekt door het halsbehang, de vleugeluiteinden gaan schuil onder het zadelbehang. |
| Staart: | goed bevederd, geopend en omhoog gedragen. De beide grote sikkelveren zijn weinig gebogen in sabelvorm. De middelste en kleine sikkels zijn trapsgewijze regelmatig in waaiervorm ingeplant. De zadel- en stuurveren vormen een kussen aan de basis van de staart. |
| Benen: | kort, krachtig, goed uiteen en recht gesteld, grijsblauw tot zwartachtig gekleurd volgens de kleurslagen, flink bevederd op de voor- en buitenzijde. De dijveren zijn kort aan het bovenuiteinde van de loopbenen en vermeerderen progressief in lengte naar onder toe. Ze zijn stijf en staan horizontaal naar buiten in een boog, die aan het uiteinde omhoog gericht zijn. |
| Tenen: | vier, de buitenteen evenals de buitenzijde van de middenteen zijn bedekt met veren die overeenkomen met deze van de loopbenen. |
| Gierhakken: | groep lange, stijve en gesloten veren die vertrekken van de buitenzijde van de bovendij. |
| Nagels: | Blauw tot donker hoornkleurig naargelang de kleurslagen |
De Beschrijving van de hen
|
| Gewicht: | volwassen hen 650gr, jonge hen 550gr |
| Kam: | enkel zeer klein recht, regelmatig getand, fijn van weefsel |
| Baard: | Zo overvloedig en zo vol mogelijk. Is drieledig en meer afgerond dan bij de haan. |
| Rug: | zadelkussen, zeer breed, kort en goed bevederd |
| Borst: | buitengewoon breed en diep, naar voor gedragen |
| Achterlijf: | romp breed en diep met goed voorziene en afgeronde donspartij |
| Vleugels: | Zoals bij de haan, uitgezonderd dat het achterste gedeelte niet bedekt wordt door de zadelveren |
| Staart: | Schuin opwaarts, licht gebogen aan het uiteinde open |
Lichte fouten
Witte of witgestippelde oorlellen
kam te zwaar, onregelmatig of fijn getand
ogen te bleek
staart te hoog gedragen
te weinig ontwikkeld achterlijf
te zwaar, zonder overdrijving
Ernstige fouten
Duidelijk te sterk ontwikkelde kinlellen
zichtbare oorlellen
slepende vleugels
te lange en te sterk gebogen sikkels
te karig bevederde loopbenen
te weinig ontwikkelde baard
te smalle borst
te hoge beenstelling
gesloten of genepen staart
te grote gestalte
te korte gierhakken
onvoldoende voetbevedering
lange en smalle bouw
Uitsluitingsfouten
te weinig halsbehang en afwezigheid van manen
te lange rug
ontbreken van gierhakken
gele verkleuring van de snavel, loopbenen en huid
elk spoor van kruising
| Puntenschaal |
| Type, uitwendige vormen | 50 punten |
| Baard en halsbehang | 15 punten |
| Been en voetbevedering, gierhakken | 15 punten |
| Vleugels en staart | 10 punten |
| Gevederte | 10 punten |
| Totaal | 100 punten |
Opmerking
Bij de krielen van de zwarte, zwartkeikleurige, zwart wit gestippelde kleurslagen vindt men nogal veel dieren met een zwartachtige
kam- en gezichtskleur, waar de zwarte pigmentatie het haalt boven de rode. Bij de haan is deze fout als ernstig te beschouwen, zonder
dat ze tot uitsluiting leidt.
Bij de hen integendeel moet deze fout als licht beschouwd worden. In een klasse waar men dieren vindt met rode kam en andere met
zwarte kam moet de voorkeur gaan naar de rode, wanneer het dieren betreft van gelijke kwaliteit. De fokkers worden aangeraden hun
selectie te verichten op de rode kam.
|